 |
 |
 |
| |
| |
| |
HET RUBEN-LEVEN
HET RUBEN-LEVEN
INLEIDING
Ruben was de eerstgeborene van Lea en Jacob. Jezus was de eerstgeborene van Maria en God door de Heiligen Geest. Paulus zegt ons in de brief aan de Colossenzen: ‘Hij (Christus) is het Beeld van de onzichtbare God, de eerstgeborene van de gehele Schepping’ .
De betekenis van de naam Ruben lijkt in eerste instantie gewoon een reactie op de geboorte van een zoon: 'zie een zoon (Ru-Ben, 'zie zoon')!' Maar voor Lea was de geboorte van een kind van Jacob iets bijzonders en toen het nog wel een zoon bleek te zijn was het iets heel bijzonders! Wat was er namelijk aan de hand? Lea was niet de eigenlijke vrouw die Jacob wenste te huwen! Jacob had gemeenschap gekregen met Lea tegen zijn zin. Hij meende toen gemeenschap te hebben met de door hem geliefde vrouw Rachel. Maar zijn oom Laban had zijn oudste dochter Lea in de huwelijksnacht aan Jacob gegeven in plaats van zijn jongere dochter Rachel, op wie Jacob juist verliefd was en om wie hij zeven jaar voor zijn oom had gewerkt . Na de feestelijkheden van de trouwerij tussen Jacob en Rachel, waarbij Laban al de mannen van de woonplaats bijeenvergaderd had en hij een maaltijd aanrichtte , bracht hij in de avond, toen het al donker was, Lea -zwaar gesluierd- naar de tent van Jacob en Lea lag bij Jacob en Jacob kwam tot haar . De volgende morgen ontdekte Jacob wat Laban had gedaan en zei: 'Wat hebt u mij daar aangedaan ?' Het was Jacob die zijn vader had bedrogen en nu zelf het slachtoffer werd van bedrog door zijn oom Laban.
Bij het zien geboren worden van Ruben was Lea zelf erg verblijd, want een zoon geven aan je man was, ten tijde van de oudvaders, een zeer belangrijk iets. Een zoon betekende in de allereerste plaats dat de familietak van de vader niet uitstierf doordat hij een opvolger had voor zijn huis, want dochters werden uitgehuwelijkt, maar zonen beërfden de bezittingen van de vader! Jacob zal dan ook zeer vereerd zijn geweest met zijn eerstgeboren zoon Ruben, ook al was hij geboren aan Lea en niet aan Rachel, hij bleef zijn eerstgeborene! Om de belangrijkheid van deze zoon te benadrukken riep Lea dan ook uit: 'Voorzeker de Here heeft mijn ellende aangezien' en 'Voorzeker, nu zal mijn man mij liefhebben'. Het maakt duidelijk dat voordat Lea geboorte gaf aan Ruben, Jacob geen liefde voor haar bezat. Hieruit blijkt echter ook, dat, nadat Jacob de huwelijksweek met Lea ten einde had gebracht, hij zijn intrek nam bij Rachel die hem na deze week alsnog door zijn oom Laban tot vrouw gegeven werd. Laban had er wel de bepaling bij gegeven dat Jacob hiervoor nogmaals zeven jaar voor hem zou werken . Omdat Jacob liefde had voor Rachel en hij haar als vrouw wilde hebben had hij daarmee ingestemd, maar het feit blijft dat hij in werkelijkheid voor Rachel twee maal zeven jaar werkte!
De Here is met de alleenstaanden, weduwen en wezen. Dat Hij in Lea een soort alleenstaande zag waarvan de man weliswaar niet gestorven was maar er ook niet in bewilligde met haar samen te wonen, gaf God de reden om Lea kinderen te geven en Rachel niet : 'Toen de Here zag, dat Lea niet bemind was, opende Hij haar schoot, maar Rachel bleef onvruchtbaar'. Toch bleek dat er nog een andere reden was dat Rachel geen kinderen baarde en Lea wel. Rachel zag niet op God in het krijgen van kinderen, maar Lea wel. Rachel bleek zeer bijgelovig en meer op haar aanzien gesteld binnen de 'clan' van Jacob dan Lea. Lea rekende wel met God en dat kwam ook tot uiting in de naamgeving van haar kinderen. Lea gaf God de eer in de namen van haar zonen: Simeon, Hij heeft gehoord'; Levi, 'Hij heeft (mij) aangehangen'; Juda, 'Hij worde geprezen', Issaschar, 'Hij is mijn loon'; Zebulon, 'Hij heeft woning gemaakt', Rachel rekende met zichzelf in het geven van namen aan haar zonen: Jozef, 'God voege toe' -nog andere zonen -; Ben-Oni, 'zoon van mijn smart' (door Jacob 'Benjamin' genoemd, 'zoon van mijn rechterhand'). Rachel was op zichzelf gericht terwijl Lea zich richtte op God in hun omstandigheden.
God wil dat u met Hèm rekent in uw levensomstandigheden. Zou Jacob dit hebben gedaan, dan zou hij geen bedrog bij zijn vader nodig gehad hebben om het eerstgeboorterecht te verkrijgen. Deze zou automatisch door God aan hem zijn toegekomen, nadat Ezau aan God had laten blijken met Hem geen rekening te willen houden in zijn leven! Ezau zou dan als eerste door zijn vader Isaäc naar Laban gestuurd zijn om een vrouw te nemen uit hun eigen volk en zou Lea gekregen hebben als oudste van de dochters van Laban. Ezau had zeker gehoor gegeven aan zijn vader dit te doen, ook al had hij reeds kanaänitische vrouwen genomen. Vervolgens zou Jacob naar Laban gestuurd zijn en Rachel tot vrouw hebben verworven. God zou eveneens beide vrouwen gebruikt hebben om Hem zonen te baren waaruit Hij ook een groot volk, Hem ten eigendom, gevormd zou hebben. Nu moest dat volk alleen uit Jacob voortkomen met dezelfde twee vrouwen. Anders zou Ezau mee opgenomen zijn in de erfelijke belofte aan Abraham en Isaäc om tot een groot volk uit te groeien in hun nageslacht, nu werd Ezau alleen door zijn Kanaänitische vrouwen tot een apart volk van 'Edom' gevormd dat later Israël veel narigheid bezorgde !
Het is God die uw omstandigheden vormt. Hij richt deze in uw leven naar de ongerechtigheden die u gedaan hebt opdat u er overwinning over leert krijgen. Jacob moest het bedrog van Laban overwinnen door er niet op te blijven zien en zowel Rachel als Lea evenveel liefde te geven, omdat hij er zelf de oorzaak van was dat hij bedrogen werd! Ook in uw leven komen deze dingen voor en God richt uw omstandigheden hiernaar. Er mee leren leven en deze hierdoor overwinnen bewerkt dat u gaat leren uw ongerechtigheden de baas te worden en ze achterwege te laten opdat er niet nog meer onaangename omstandigheden over u komen. Jacob kreeg een zoon van zijn niet eerst geliefde vrouw Lea, zodat hij alle reden had om haar lief te gaan krijgen door een lijfeigene zoon van hem. Ook God heeft deze door Hem niet geliefde wereld lief gekregen doordat Hij Zijn Eigen Zoon aan deze wereld geboren deed worden. 'Want alzo lief heeft God de wereld gehad, dat Hij Zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat een ieder, die in Hem gelooft, niet verloren gaat, maar eeuwig leven heeft'.
God heeft deze wereld lief gekregen en zal deze omvormen tot een wereld zonder zonde. Ook Jacob had nu door Ruben zijn vrouw Lea lief kunnen krijgen als hij niet meer op zijn omstandigheden van met haar bedrogen te zijn, zou zien. Ook God kijkt niet meer naar uw zonden omdat Hij u ziet in wie Hij van u maken kan: een zoon Gods naar het Beeld van Zijn Eigen Zoon Jezus Christus. Zou God nog langer blijven zien op de zonden die u nog doet tot Hem, dan zou Hij u hiervoor straffen en deze zonden niet gebruiken om u in Zijn Liefde ermee te vormen door u met uw eigen zonden te confronteren in uw levensomstandigheden! God is getrouw en rechtvaardig in alles wat Hij u doet! Indien u gelooft dat Zijn Zoon aan u geboren is dan vraagt Hij u Hem lief te hebben ook als de omstandigheden hiertoe misschien geen aanleiding toe geven. Hij heeft deze echter in Zijn Hand en Hij zal u er door vormen. U is een zoon geboren, 'de Heilige Geest is over u gekomen en de Kracht van de Allerhoogste heeft u overschaduwd, daarom zal ook de Heilige die in u verwekt is, Zoon Gods genoemd worden'. Het is hetzelfde wat Maria en Jozef overkwam toen de Engel Gabriël tot hen werd gezonden met de boodschap: 'weest niet bevreesd, want u hebt genade gevonden bij God'. Ook u hebt genade gevonden bij God en Hij heeft vervolgens Zijn Zoon in u geboren doen worden: 'zie een Zoon', 'en u zult Hem de naam Jezus geven'.
Het leven van Ruben was volgens de uitspraken van zijn vader onbestendig en onstandvastig. Jacob heeft Ruben meegemaakt als een opgroeiende zoon die maar niet tot een besluit kon komen om met de verantwoordelijkheid te leven van een eerstgeborene. Van hem werd verwacht als oudste de leiding te nemen en het voorbeeld te geven. Jacob moet grote verwachtingen hebben gehad van zijn eerstgeboren zoon, want hij betitelde hem in zijn zegen aanvankelijk als: ‘Ruben, mijn eerstgeborene bent u, mijn sterkte en de eersteling van mijn kracht, de voornaamste in hoogheid, de voornaamste in vermogen . Ruben moest de eersteling van zijn kracht worden. Jacob wilde in Ruben het type van een eerstgeborene van God ontvangen zoon zien, zoals Jezus de Eerstgeborene van de Vader is. Ruben werd ook alszodanig aangekondigd: ‘Zie een zoon’, zei Lea bij zijn geboorte. ‘En Maria werd aangekondigd: ‘U zult een zoon baren. Deze zal groot zijn en zoon van de Allerhoogste genoemd worden en de Here God zal hem de troon van zijn vader David geven en hij zal als koning over het huis van Jacob heersen tot in eeuwigheid en zijn koningschap zal geen einde nemen . Als er geen andere zonen meer geboren zouden worden aan Jacob, zou Ruben de eniggeboren zoon zijn en enig erfgenaam. Zoals wij zagen in de uiteenzetting van het eerstgeboorterecht zou Ruben een dubbel deel krijgen van het bezit van Jacob gelijkelijk verdeeld onder de mannelijke nakomelingen. Het was dus voor Ruben de moeite waard om alszodanig erkend te worden. Een oudste zoon wordt meestal gezien als de leider van de anderen. Hij trekt het meest met de vader op en mag het minst. Als eerste zoon wordt er strenger op hem gelet dan op de volgende zonen, tenslotte is hij de oudste en daardoor meest verantwoordelijke. Het oudste kind ontwikkeld zich meestal tot een voorbeeldfiguur en daardoor tot een leidersfiguur. Wij zien dat ook bij Ruben gebeuren. Hij is er zich van bewust dat er van hem meer gevraagd wordt dan van zijn andere opvolgende broers. Maar tijdens zijn opzienerschap als hoeder van de schapen van Laban onder Jacob heeft hij dit nog maar weinig kunnen tonen. Zijn vader zal wel veeleisend zijn geweest in het hoede van de kudde, daar hij al wat geroofd werd en gestorven was zelf moest vergoeden . ‘Het werd van zijn hand geëist’! In de loop van de twintig jaar dat Jacob Laban diende werden al zijn zonen geboren, behalve Benjamin, die werd in het land van belofte geboren. Jozef was de laatste die geboren werd bij Laban en dat was ook de aanleiding voor Jacob van Laban weg te trekken. ‘Jacob had Jozef lief boven al zijn zonen, omdat hij hem een zoon van zijn ouderdom was’ . Jozef was zogezegd een verwende jongen, want Jozef bracht kwaadgerucht aangaande hen aan zijn vader over (vs2). Jacob maakte zelfs een pronkgewaad voor hem. Natuurlijk krijg je dan scheven verhoudingen binnen je gezin als je de een voortrekt boven al de anderen. Kinderen houden dat doorgaans goed in de gaten. ‘Toen zijn broeders zagen, dat hun vader hem boven al zijn broeders liefhad, haatten zij hem en konden niet vriendelijk met hem spreken’ (vs4). Het was niet verwonderlijk dat Jozefs verwaandheid een aanstoot was bij zijn broers. Dat het zelfs tot naijver en haat kwam heeft Jacob aan zichzelf te wijten. Het naar recht en redelijkheid bestieren van een huisgezin Gods is niet eenvoudig. Gods leiding en Gods Geest heb je daar zeker bij nodig. De broers besloten Jozef te doden. Dat werd Ruben te veel. Van hem werd verwacht dat hij wel de leiding hierin op zich zou nemen, maar hij hield zich opvallend stil. ‘Toen Ruben dit hoorde, wilde hij hem (Jozef) uit hun hand redden’ (vs21). Het was niet Rubens karakter om als leider op te treden. Ook al werd dit van hem wel verwacht. Maar hij durfde niet. Ongetwijfeld is deze karaktertrek niet verbeterd gezien de wanstaltige houding van zijn vader die een voorkeur uitsprak voor Juda. En Jacob stak zijn voorkeur niet onder stoelen of banken. Hij moest wel verbitterd zijn geweest door al die jaren van harde arbeid bij zijn oom Laban zonder enige waardering. Nu infecteerde deze ‘wortel van bitterheid’ zijn gehele gezinsleven. Ruben wilde Jozef, de eerstgeborene van zijn vader en de vrouw die zijn vader wel liefhad, niet doden, maar wel in de put werpen waar Jozef niet uit kon komen en alleen maar begraven kon worden. Ruben had dan ook de ‘bedoeling gehad hem even later uit de put te halen en naar zijn vader terug te brengen’. Hij was er tenslotte op gesteld om als leider door te gaan voor zijn broeders en Jozef zou zijn vader wel vertellen van welk gevaar Ruben hem had gered, zodat zijn vader een hogere achting zou krijgen voor de eerstgeborene van zijn vader en de niet door hem geliefde vrouw. Maar Ruben kwam te laat (vs22-29). Een weinig invloed van Ruben bleek al genoeg te zijn om de broers van hun moordpoging te doen afzien, hoeveel te meer zouden zij naar hem geluisterd hebben indien hij opgetreden had als oudste zoon door de leiding te nemen en het hele drama af te blazen. Maar Ruben was geen leidersfiguur. Het onmiddellijke gevolg was dat Jozef als slaaf verkocht werd naar Egypte (vs28). Hij kwam daar in een diensthuis.
Hier stopt onze overdenking betreffende Rubens eerste optreden. We willen nu een veel diepere waarheid bekijken van Rubens leven waar de Heilige Geest ons niet genoeg van kan doordringen.
Ten eerste bleek Ruben een voorbeeld te zijn van een onevenwichtige zoon. Wij kunnen hier het beeld zien van de gelovige die aanvankelijk nog zeer onstandvastig is. Hij is in het getuigenis van Jezus Christus als eerstgeborene van God de Vader nog erg onevenwichtig. Hij durft het voor de Geliefde Zoon van de Vader niet echt op te nemen om van zijn getrouwheid aan de Vader te getuigen tegen al zijn broeders in de wereld. Daarom zal ook niemand hem erkennen als iemand die hen kan leiden in de waarheid van God de Vader om ook een eerstgeborene van God de Vader met Jezus Christus te worden. Men zal dan ook niet voor zijn getuigenis stil blijven staan om hem aan te horen. Ruben liet Jozef, die het typebeeld werd van Jezus Christus, op zijn voorstel in de put werpen in plaats van voor de geliefde van hun vader Jacob op te komen. Eigenlijk was het voorstel van Ruben aan zijn broeders om Jozef maar te begraven door hem daar achter te laten. Ruben vond dit beter dan hem door zijn broeders ter dood te laten brengen, maar het kwam op hetzelfde neer al was Jozef nog niet gelijk ten dode opgeschreven. En ook wij als bewust geworden gelovigen van de geliefde Zoon van de Vader, Jezus Christus, kunnen de bezorgdheid van de Vader over ons negeren door niet naar de waarheid van Gods Woord te luisteren en het maar als iets overgeestelijk beschouwen om rekening te gaan houden met al die dromen en visioenen waarmee Jezus hun wil waarschuwen uitgaande van de Vader. God zal er als uw Vader dan ook nooit Zijn voordeel mee kunnen doen voor de rest van uw broeders in de wereld en Hij wordt er zeker niet door geëerd. Het mag dan ook niet verwonderlijk en overgeestelijk lijken voor u dat Jezus u vanuit de Vader waarschuwt met de ‘gelijkenis van de talenten’, waarin Hij het achterhouden van de waarheid en het getuigenis van God begraven door het als het ware in een put te werpen, veroordeeld. De Vader wil ons zegenen met wat wij reeds als gave van Geloof uit hem verkregen hebben. ‘Want wie heeft, hem zal gegeven worden en hij zal overvloedig hebben, maar wie niet heeft, ook wat hij heeft, zal hem ontnomen worden’ .
Ten tweede zal de zoon Ruben niet veel geloof hebben gehad om het eerstgeboorterecht te verkrijgen. Hij was wel de eerste zoon die geboren was aan Jacob, maar niet de eerste zoon uit Jacobs geliefde vrouw! Dat was wel Jozef! Het maakte Ruben niet alleen onstandvastig maar ook ongestadig en onevenwichtig op zijn levenspad met God in het geloof in een eerstgeborene van de vader te zijn. Ook wij worden allen eerstgeborenen van de Vader genoemd door Jezus Christus Zijn Geliefde Zoon uit Zijn Geliefde vrouw Israël (=JacoB). Ruben was als oudste zoon in eerste instantie verantwoordelijk voor de uitlevering van Jozef aan de wereld van Egypte. Hij verkocht hem voor twintig zilverstukken aan de Ismaëlieten. Zo kunnen ook wij de Goede Boodschap van Gods Woord verkopen aan de wereld, die er dan alleen het belang van inziet als ze er beter van kunnen worden. Het dus iemands zakken leeg kloppen vanwege de zegen die de Vader zal geven op het geven om er door die zegen beter van te worden is dus niet wat God behaagt en zijn wereldse praktijken om aan de benodigde financiën te komen ter financiering van geloofsprojecten. Het geven aan de Kerk van Christus zal zegen opleveren, maar wel als het met een liefdevol hart gegeven is. We zien zo’n voorbeeld bij Cornelius, die op het regelmatig geldelijk steunen van de Joodse Synagoge de doop in Gods Heilige Geest mag ervaren. God zegent met geestelijke zegeningen! Er zijn echter genoeg gelovigen in God en de wereld die God en Christus bij hun handel in de wereld erbij genomen hebben. Zo waren ook de Ismaëlieten als nakomelingen van Ismaël en Hagar en Abraham, eerstgeborenen met een belofte. Het zijn de mensen die het geloof in God in hun werelds leven erbij nemen, terwijl Christus toch zo duidelijk zegt God niet te kunnen behagen door twee heren te dienen: ‘Niemand kan twee heren dienen, want hij zal of die ene haten en die ander liefhebben, of zich aan die ene hechten en die ander minachten: u kunt niet God dienen en de mammon’ .
Ruben wilde Jozef weer naar zijn vader terugbrengen, maar kwam te laat bij de put om hem nog daaruit te redden. Jozef was reeds door zijn broeders als slaaf verkocht. Populair gezegd: Ruben viste achter het net bij het redden van Jozef! Ook wij kunnen ‘achter het net vissen’ als wij geen ernst maken met de Waarheid van Gods Boodschap: Jezus Christus. Ook wij kunnen ons eerst met allerlei andere zaken bezig houden voordat wij besluiten eens echt aandacht aan God in Jezus Christus en Zijn Boodschap te geven. Meestal is het dan te laat of het komt er helemaal niet meer van. Gods Boodschap is dan al door anderen misbruikt omdat u de kans om het Evangelie op de juiste manier voor te stellen uit had gesteld door angst voor de tegenreacties van uw broeders in de wereld. U moet vissen op de juiste plaats en tijd die God u gegeven heeft en dan alle andere zakelijke dingen opzij zetten. Een visser vist op scholen vissen. Daar waar ze aanvankelijk samenscholen. God doet niet anders. De broeders waren bij elkaar met elk zijn kudde en het was een uitgelezen mogelijkheid voor Ruben om zijn broeders daar zijn gevoelens voor Jozef en zijn vader te verwoorden. Die gevoelens kwamen door de overtuiging die God hem gaf, maar hijzelf durfde er opdat moment niet van te getuigen. God waarschuwt de broeders in de samenkomsten van gelovigen door hen die Hij daarvoor inspireert met de boodschap van redding en waarheid en oordeel. Daar gooit God het net uit om hen te vangen die zich aan Hem willen hechten en niet aan de wereld; hen die Hem willen geloven dat zij hun leven moeten verliezen om een nieuwe wereld binnen te kunnen gaan, hen die niet beter van de wereld willen worden, maar beter van God; hen die de mammon niet liefhebben boven de waarheid; hen die willen geloven in hun eerstgeboorterecht met Jezus Christus hun Here. Als de Heer des Huizes, God Zelf, Zijn gelovigen bijeen heeft gedreven in deze wereld om hen te komen ‘opvissen’ uit deze wereld bij de ‘laatste opname’, dan verwacht Hij dat wij Zijn Zoon Jezus in ons door de Heilige Geest mee zullen brengen naar Hem. Maar hebben wij het Woord Gods niet blijvend in ons door Zijn Geest, dan zullen wij bemerken dat wij Zijn opname gemist hebben als wij terugkomen in de gemeenschap van gelovigen. Dan zullen we bemerken dat God ons ondermaats heeft geacht en uit zijn net heeft gehaald en teruggeworpen in deze wereld om nog te leren de weg van Jozef oftewel Jezus Christus te gaan en overgeleverd te worden aan de handelslui van deze wereld die het met elkaar op een akkoordje gooien en de zaak beklinken en u gelijk Jozef en Jezus van het leven te beroven. Zij hebben de Weg van God, welke Jozef is gegaan en hun Here Jezus is gegaan, versmaadt hebben door het niet waardig te achten om tot een koninklijk priesterschap verheven te worden. Dan bemerken zij dat Jezus weg is uit de samenkomsten en op weg is om de koninklijke waardigheid in ontvangst te nemen over deze wereld , gelijk Jozef deze ontving over Egypte. God ‘ontbiedt vele vissers die hen zullen opvissen en daarna zal ik vele jagers ontbieden die hen zullen opjagen van elke berg en elke heuvel, en uit de rotskloven; want mijn ogen zijn op al hun wegen, deze zijn voor mij niet verborgen en hun ongerechtigheid is voor mij ogen niet bedekt! Daarom zal Ik eerst hun ongerechtigheid en hun zonden dubbel vergelden, omdat zij mijn land hebben ontwijd met het aas van hun gruwelen en de afschuwelijkheden waarmee zij mijn erfdeel hebben vervuld’ . Welk erfdeel als eerstgeborene hebben wij? Is deze van de Vader of van de vader dezer wereld? Is het de hemelse rijkdom of die twintig zilverstukken? Kies dan wie u heden dienen zult!
Rubens keus om zich te gaan verzetten tegen de gruwelen en afschuwelijkheden van het leven komt pas als hij zelf op zijn verantwoordelijkheid als eerstgeborene aangesproken wordt. Zijn broers willen Jozef doden. Ruben zal ongetwijfeld de duivelse invallende gedachte hebben gehad, dat hij dan van zijn rivaal Jozef af zou zijn. Tenslotte was Jozef de eerstgeborene, die zijn vader Jacob meer liefhad dan Ruben en bovendien was het een zoon van zijn meest geliefde vrouw Rachel. De kans was dan groot dat juist Hij bevoorrecht zou worden boven Ruben. Ruben wende zich eerst van zijn broers af en verzet zich dan met de woorden: ‘Laten wij hem niet doodslaan. Vergiet geen bloed, werpt hem in deze put die in de woestijn is, maar slaat de hand niet aan hem’ . Pas toen de broeders Jozef verkocht hadden aan Ismaëlitische kooplieden, op weg naar Egypte, kwam Ruben terug en was te laat. Hij durfde de verdere confrontatie niet aan.
Het frappante is dat we deze karaktertrek terugzien in zijn nageslacht. Later gedroegen de Rubenieten als stam zich laks bij de onderdrukking door Jabin en Sisera. Eenmaal in het beloofde land, waarover we lezen in het overwinningslied van Debora en Barak , ‘Achter hem (Barak) aan stormde men het dal in. Onder de geslachten van Ruben waren de overleggingen vele. Waarom bleef u zitten tussen de veestallen. Al luisterend naar het fluitspel bij de kudden? Onder de geslachten van Ruben waren de overleggingen vele’. Ruben was door zijn vader gekenschetst als onevenwichtig en hoe kenmerkend is dit terug te vinden in zijn nageslacht!
Voor ons als geestvervulde en door de Heilige Geest geleide gelovige geldt dat tenzij wij onze onevenwichtigheid overwinnen, het ook ons nageslacht zal kenmerken.
Rubens overleggingen waren er vele tijdens Jozefs putval en verkoop aan de wereld! Nadat het eenmaal gebeurd was zag hij pas zijn zonde in. De broers hadden zich reeds van de plek des oordeels verwijderd toen Ruben aan kwam zetten om Jozef er uit te halen. Het was toen te laat! Hij ontzette zich nu pas en keerde naar zijn broeders terug en zei; ‘De knaap is er niet, en ik, waar moet ik heen?’ Ruben zag het oordeel van zijn vader al boven zijn hoofd hangen en vreesde het ergste: het onterven van hem door zijn vader Jacob! Tenslotte was hij de oudste en meest verantwoordelijke voor het gebeuren. Maar ook hier is de leugen van de duivel op zijn plaats. Hij ging mee aan wat de broeders aan afschuwelijkheden uitdachten. Misschien was dit laatste nog wel erger dan het eerste! Wat een gevolg had het voor Jacob, door hem te doen geloven Dat Jozef dood was en zijn lichaam weg! Het is juist nu dat wij kunnen begrijpen hoe hij er toe kwam om zijn beide zonen als onderpand te geven toen hij later ook nog Benjamin, de tweede en jongste zoon van Rachel voor Jacob, wilde meenemen naar Egypte Hij zei toen: ‘ U mag mijn twee zonen doden, indien ik hem (Benjamin) niet tot u terugbreng; geef hem onder mijn hoede en ik zal hem tot u terugbrengen’ . Maar Jacob zei: ‘Mijn zoon gaat niet met u mee, want zijn broeder is dood en hij is alleen overgebleven, overkomt hem een ongeluk op de weg die u gaan zult, dan zult u mijn grijze haar met verdriet in het dodenrijk doen afdalen’. Zou er iets gebeuren met Benjamin, dacht Ruben, dan heb ik twee zonen. Deze zijn van mij als eerstgeborene van de vader en zij zijn mijn eerstgeborenen en zullen bij ongeluk van Benjamin zowel de plaats van Jozef als van Benjamin kunnen innemen. Rubens gedachte was dat hij toch al had afgedaan om in aanmerking te komen voor het eerstgeboorterecht. Want, dacht hij, als zijn vader er ooit toe zou besluiten om hem met het eerstgeboorterecht te zegenen dan zou hij Gods zegen daarover alleen kunnen verkrijgen als hij Jozefs putval en verkoop zou opbiechten aan zijn vader. In dat geval zou Jacob hem onterven en zouden zijn zonen ieder hun deel kunnen krijgen. Ruben dacht dus, dat als hij het niet meer zou kunnen verkrijgen, dan wel zijn twee aan de vader gegeven zonen. Dat Ruben er aan toevoegde dat de vader zijn twee zonen zou mogen doden is een wel heel onwezenlijke zaak. Welke grootvader zal hoe dan ook zijn kleinkinderen doden? De twee zonen die Ruben aan zijn vader wilde geven, waren genoemd: ‘toegewijd’ (chenak) en ‘uitmuntend’ (Pallu). De eerste naam geeft al aan hoe deze gewijd was aan de vader als eerstgeborene. De tweede naam gaf al aan dat hij een betere zoon zou worden dan hij zelf was in de ogen van Jacob. We zouden nu hier het typebeeld van Benjamin moeten voorstellen, welke wordt uitgelegd in het ‘Benjamin-Leven’. We volstaan hier met aan te geven dat Benjamin het typebeeld van Gods heilige Geest was, welke de broeders mee moesten nemen als zij tot Jozef (lees hier: Jezus) wilden opgaan. We willen ons hier slechts focussen op de genen van de twee zonen van Ruben die aan zijn vader werden gegeven, welke twee hij overigens weigerde te accepteren in plaats van Benjamin.
De Vader had Jezus, zijn eerstgeborene uit Israël als zijn eerstgeliefde vrouw, verloren in de dood. Zijn lichaam zou gestolen zijn uit het graf, zoals de leugen van de duivel ingang kreeg. Hij werd door zijn broeders begraven in de put die in de woestijnrots was uitgehakt. De Heilige Geest, Gods tweede Zoon, werd niet onder de hoede van Jezus broeders in de wereld gegeven, maar bleef aanvankelijk bij de Vader. Pas toen Jezus Zich garant stelde dat Hij Gods Geest zou terugbrengen met Zijn broeders uit de wereld, gaf de Vader Hem aan Jezus mee. En Jezus openbaarde zich opnieuw aan zijn broeders in de wereld door Gods Geest, gelijk Benjamin werd gebruikt om Jozef aan hen te doen openbaren. Jezus Christus woont onder ons en ondanks de leugen van de duivel, dat Hij dood zou zijn en weggestolen, leeft Hij onder ons! Maar wij krijgen de gaven van de Heilige Geest niet onder onze hoede, maar Hij manifesteert de gaven van Zijn Heiligheid onder ons om van Jezus en van God te getuigen: ‘Ik ben het die van Mijzelf getuig en ook de Vader, die Mij gezonden heeft, getuigt van mij’ . Benjamin was een getuigenis bij de broeders van hun zonde aan Jezus en de hun vader. Benjamin was door Rachel zijn moeder genoemd: ‘zoon van mijn smart’, maar door Jacob zijn vader: ‘mijn rechterhand’. God zegt bij monde van de profeet Jesaja en Jeremia dat het Gods Geest is die Jezus en ons ondersteunt: ‘Ook ondersteun ik u met Mijn Heilrijke Rechterhand ’ om ‘Mijn Heilrijk (reddend) Woord aan u in vervulling te doen gaan’ .
Ruben wenste wel zijn vader het beste te geven wat hij maar geven kon. Zijn zonen die het eerstgeboorterecht ten volle zouden verdienen. Maar God de Vader is een God van Genade en van Geloof en had voor Dezen: Jezus Zijn Zoon en de Heilige Geest als zijn Zoon deze Genade en Geloof bedoeld als eerstgeboorterecht om hun broeders er mee te zegenen.
Toen Jacob zijn zonen zegende, herinnerde hij aan Rubens bloedschande en zag dit als teken van zijn onevenwichtig karakter, een eerstgeborene onwaardig . Rubens nakomelingen bezetten na de intocht een gebied ten oosten van de Dode Zee. Debora verwijt in haar lied dat deze stam zich aan de oorlog ter hulpe van zijn broeders onttrokken had .
Ruben kreeg vier zonen: Chanok (gewijd), Pallu (uitmuntend), Chesron (omsloten) en Karmi (wijnbouwer) . Vandaar dat de Rubenieten in vier geslachten verdeeld waren . Hun moeder was Bilha (schuchterheid).
|
| |
| |
| |
|
|
|
Aantal keren bekeken : 384
|
Laatste verandering : 2011-07-01 16:18:07
|
|
|
|
|
|
|
 |
 |
 |
 |
 |
 |
|
|
 |